Weigeringen intrekking Wnb-vergunningen en het actus contrarius beginsel
21/01/2026
Op grond van artikel 5.4, eerste lid aanhef en onder c, Wnb kan een natuurvergunning worden ingetrokken als de vergunning in strijd met wettelijke voorschriften is verleend.
Een natuurvergunning wordt op grond van artikel 5.4, tweede lid, Wnb in elk geval ingetrokken indien dat nodig is ter uitvoering van de Hrl.
In overwegingen 6.1 tot en met 7.3 van de uitspraak van de Afdeling van 20 januari 2021, ECLI:NL:RVS:2021:71, in combinatie met overwegingen 10 tot en met 10.7 van haar uitspraak van 2 juli 2025, ECLI:NL:RVS:2025:2969, is nader beschreven wat de verhouding is tussen het eerste en tweede lid van artikel 5.4 van de Wnb en welke afweging het college moet maken wanneer om intrekking van een natuurvergunning is verzocht. Het in die uitspraken beschreven beoordelingskader is ook in de twee uitspraken van de Afdeling van deze week van toepassing.
Het gaat in deze zaken (waarbij het gaat om PAS vergunningen) inhoudelijk eigenlijk alleen over de vraag of hydrologische herstelmaatregelen kunnen worden betrokken bij de vraag of sprake is van een noodzakelijke daling van stikstofdepositie waardoor het intrekken van de natuurvergunning niet nodig is.
> Lees meer